Cici_Cadi
4de Middelbaar
  
Offline
Geslacht: 
Locatie: Dort duvarli odam
Berichten: 821
Cadilarin Basi
|
 |
« Gepost op: 16 Okt, 2007, 20:13:16 » |
|
De Mol van Arabistiek: Jarenlange wanpraktijken Geschreven door Simon Horsten maandag, 15 oktober 2007 Torenhoge cursusprijzen, een onderwijsniveau dat vaak te wensen overlaat, frequente onregelmatigheden bij examens en boude discriminatie van (allochtone) studenten. En nog steeds doceert professor Mark Van Mol het vak Modern Standaardarabisch.
De opleiding Arabistiek en Islamkunde van de Leuvense Letterenfaculteit staat voor een cruciale periode: het is erop of eronder. Binnen drie jaar krijgt Arabistiek en Islamkunde een finale kans om een accreditatie te verwerven, als dat niet gebeurt, is het in Leuven gedaan met die maatschappelijk en academisch hoogst relevante opleiding. Het universiteitsbestuur en de faculteit hebben duidelijk laten weten dat zoiets geen optie is en gaan voluit voor een verbeterde, gezuiverde opleiding van het hoogste niveau. Recente ingrijpende hervormingen (gaande van het onderwijsprogramma tot een docentenherschikking) werpen volgens zowel studenten als docenten nu al hun vruchten af en bewijzen dat de goede weg is ingeslagen, al is die weg nog lang. En zeker niet zonder obstakels: enkele hallucinante wantoestanden, terug te brengen tot één docent, lijken een definitieve ‘sanering’ van Arabistiek nog altijd in de weg te staan. Drukproeven Op 19 april van dit jaar kregen de arabistiekstudenten een mailtje van decaan Luk Draye: “Naar aanleiding van opmerkingen over de prijs van het cursusmateriaal voor de colleges Modern Standaardarabisch is vastgesteld dat in de cursusprijs ook kosten zijn doorverrekend (...) die normaal gezien op een andere manier worden gedekt.” De studenten van de vier jaren kregen na een herberekening ieder een relatief hoog bedrag teruggestort (vierdejaarsstudenten tot meer dan 150 euro). Wat was er nu aan de hand? Tot vorig academiejaar verkocht professor Van Mol zijn cursussen in de les aan onverantwoorde prijzen. Aan het begin van het academiejaar moesten de studenten een hoog, vast bedrag betalen en een formulier invullen waarop ze konden kiezen welke delen van de cursus ze wilden aankopen. Dat laatste was een maatregel, genomen na klachten van minstens zes jaar geleden, maar zette uiteindelijk weinig zoden aan de dijk: professor Van Mol liet volgens verschillende bronnen duidelijk blijken dat wie niet alles kocht, minder slaagkansen had. Hoe dan ook: aan het begin van het academiejaar betaalden de studenten een bedrag (in het eerste jaar bijvoorbeeld 110 euro), waarna professor Van Mol elke les een deel van de cursus uitdeelde, afhankelijk van de studievoortgang van de groep. Ook kregen de studenten enkele cassettes met luisteroefeningen. De docent bestelde het cursusmateriaal bij het Instituut voor Levende Talen en verkocht zelf alles in het zwart. Dit probleem werd al langer aangekaart door verschillende studenten — zo werden de abnormaal hoge cursusprijzen acht jaar geleden aan de bevoegde Permanente OnderwijsCommissie (POC) gemeld — maar tot een officiële klacht bij de decaan kwam het pas eind maart 2007. De klacht vermeldt de manier waarop Van Mol zijn cursussen aan de man brengt en maakt een (nog vrij milde) berekening van de reële kostprijs van het materiaal, die steevast minder dan de helft van de verkoopprijs uitmaakt. Op basis van die berekeningen (zie kaderstuk pagina 2) en van de formulieren die de studenten hadden ingevuld, werden de vorig jaar Arabistiek studerende studenten door het Instituut voor Levende Talen (ILT, waaraan professor Van Mol verbonden is) een behoorlijk bedrag terugbetaald. Na navraag blijkt dat er intern een financiële regeling is uitgedacht zodat professor Van Mol het ILT op termijn op zijn beurt terugbetaalt. Oud-studenten konden niet rekenen op een financiële rechtzetting. De tekst die Van Mol daarvoor als losse cursus verkocht, ligt sinds dit jaar in boekvorm in de handel. Daar kost de driedelige cursus nog steeds 90 euro (voor niet-studenten, studenten kunnen korting krijgen), maar dat is alleszins minder dan wat de studenten tot vorig jaar moesten neerleggen voor de slordig opgemaakte gekopieerde versie. Die bestond het laatste jaar overigens uit kopieën van de drukproeven van het boek, waarop de docent zelf met de hand nog talloze aantekeningen en verbeteringen had aangebracht. Zo was de titel ‘Leerboek Arabisch’ op de eerste pagina doorstreept en handgeschreven vervangen door ‘Leermethode Arabisch’. Overigens blijkt uit vele gesprekken met (oud-)studenten en eveneens uit een officiële klacht dat de ‘goede’ studenten van het college de cursus van de professor op fouten moesten verbeteren, terwijl de minder goede of slechte studenten de reeds geziene studiestof moesten herhalen. Wat humor Professor Van Mol houdt het er in een reactie op dat hij “elk jaar nog bijleert van studenten. Heel de nieuwe leermethode is onder andere de vrucht van interactie.” De taalkundigen die we een onderdeel van de cursus van professor Van Mol voorlegden (het deel ‘Dialectologie’), zijn formeel: “Dit is taalkundig niet verantwoord.” Zo komen we aan bij de onderwijskwaliteit en het niveau van het Modern Standaardarabisch (MSA) zoals het gedoceerd wordt door professor Van Mol. Enkele huidige studenten omschrijven zijn manier van lesgeven als “chaotisch, maar met erg veel nadruk op discipline.” Bovendien “gaat hij heel snel over de theorie — in vijf minuutjes — en moeten we veel driloefeningen maken. Het handboek blijft abstract, er is ook weinig contact met de échte taal.” Een andere student beaamt: “Het Arabisch wordt hier behandeld als een dode taal.” Studenten met uitstekende cijfers zeggen wel dat, als de onderwijsmethode een student ligt, die dan zonder veel problemen hoge punten kan scoren. Wat opvalt is dan ook dat een groot deel van de studenten erg slecht (minder dan 6/20) of erg goed (meer dan 15/20) scoort. Zo verwoordt een student met hoge punten het: “Mij ligt deze prof wel, maar als je niet in de mal past, heb je een probleem.” Zelf omschrijft Van Mol zijn manier van lesgeven als “professioneel maar toch ook met wat humor. Ik werk gedifferentieerd en volg elke student zo nauwgezet mogelijk op.” Dat laatste wordt wel door zowat alle studenten die we spraken eensluidend ontkend: er komt weinig tot geen feedback en die wordt dan nog als “bijzonder cryptisch” omschreven. Paradoxaal genoeg krijgen vooral studenten die het minder goed doen weinig feedback. Bovendien, zo bevestigen verscheidene oud-studenten en een officiële klacht, hangt de reactie van de prof af van de ‘kwaliteit’ van de student. Veel commentaar op vertaaloefeningen — voornamelijk van Arabisch naar Nederlands — betreft enkel het Nederlands van de student. Allochtone studenten voelen zich daarbij op geregelde basis geviseerd. Het gevoel — dat algemeen leeft bij hen — komt voort uit de vele kleine opmerkingen die professor Van Mol regelmatig maakt. Zo zou hij een allochtone en zelfs van huis uit Arabischtalige student die voor alle vakken buiten het zijne tussen de 14 en de 19 haalde, vriendelijk hebben aangeraden om misschien beter “een praktische richting te gaan volgen, een VDAB-opleiding bijvoorbeeld.” Een andere allochtone student (die overigens beëdigd tolk is) zou hij hebben toevertrouwd dat universitaire studies meer iets voor Vlaamse studenten is: “In de Vlaamse scholen worden studenten voorbereid om te slagen in hogere studies.” Een oud-studente die eind jaren negentig les volgde bij Van Mol kreeg van hem te horen: “Hoe kan iemand die zo’n Nederlands spreekt ooit vertaler worden?” De vrouw is hier opgegroeid en spreekt perfect Nederlands. Rekenfout Ten slotte — al is dat niet het einde van de klachtenlijst — doken in het verleden, tot de laatste examenperiode, problemen op met examencijfers. Studenten die als eerste of tweede moedertaal Arabisch spreken, scoren onverklaarbaar laag op het onderdeel taalbeheersing en omgekeerd getuigen studenten die altijd 18 haalden dat ze dat cijfer zelfs kregen als ze volstrekt niets hadden gestudeerd. “Eén keer had ik een 16,” verklaart zo’n student die voor de rest altijd een 18 had gehaald, “maar toen ik professor Van Mol vroeg hoe dat kwam, wijzigde hij die 16 zonder bijkomende uitleg in een 18.” Frappant zijn de gevallen waarbij studenten in het eerste semester een goed cijfer hadden, bijvoorbeeld 16, en dan als totaalcijfer in juni bijvoorbeeld een 3 haalden. De aparte quotering voor het tweede semester werd niet vermeld, maar rekening houdend met het feit dat het eerste semester voor 8 van de 20 punten meetelde, moet dat cijfer negatief zijn geweest, wat niet reglementair is. Meerdere studenten hadden te maken met hetzelfde probleem en dienden klacht in. De punten werden rechtgezet en de eerste quotering werd geweten aan “een rekenfout”. De lijst van voorbeelden is lang, maar wat de allochtone (oud-)studenten die we hoorden het zwaarst viel, was dat ze zo gedemotiveerd werden door professor Van Mol en dat hun zelfvertrouwen een stevige knauw kreeg. Velen haakten af. De studenten die bleven, getuigen van een zeer moeilijke en aanslepende periode. Iemand uit het Midden-Oosten — die zijn diploma pas kreeg na een ontvankelijk verklaarde klacht tegen een examenresultaat — zegt zelfs ronduit gedesillusioneerd uit het Vlaamse hoger onderwijs te komen: “Dat zoiets kan in Irak of Iran, tot daaraan toe, maar toch niet in West-Europa?” De aanklachten zijn ernstig, maar ook zo vaak bevestigd dat de kaarten er voor professor Van Mol wel erg slecht uitzien. Zo verwoordt oud-decaan van de faculteit Letteren en huidig onderwijscoördinator Ludo Melis het: “Als de klachten berusten op feiten — en er zijn weinig redenen om aan te nemen dat dat niet zo zou zijn — dan hoort er op korte termijn een ernstige verbetering te komen.” Ook de huidige decaan, professor Luk Draye, spreekt over “een groot probleem voor de hele universiteit, tenminste als deze klachten bewezen worden.” Op de concrete inhoud van de beschuldigingen wenst hij niet in te gaan, maar hij vindt ze wel ernstig. Frans De kritieken op het taalonderricht van Mark Van Mol zijn ook al in de visitatierapporten van Oosterse Studies terug te vinden, zowel in het eerste (1997) als het meest recente (2005), dat de aanleiding was voor de niet-accreditatie van de opleiding. Daarin lezen we onder andere: “Er bestaat veel aandacht voor taalverwerving en voor het vertalen van teksten, maar er is behoefte aan meer gesproken taalonderwijs.” Dat is een herhaling van de kritiek van 1997, waar er sprake is van “onvoldoende aandacht voor het gesproken modern Arabisch” en van “een onvoldoende taaluitdieping.” Aan de kritiek werd met een hernieuwd programma en het aanwerven van een native speaker en een nieuwe taaldocent de laatste jaren zeker gevolg gegeven — de studenten en professoren merken dat de kennis van het Arabisch er met rasse schreden op vooruit gaat, omdat er nu, in tegenstelling tot vroeger, in het Arabisch wordt lesgegeven — maar de colleges van professor Van Mol blijven een probleem. “Je merkt wel dat hij op een andere manier wil doceren, maar het lukt hem niet,” aldus een student. Overigens geven vele studenten te kennen dat hun kennis van de taal zelfs na vier jaar MSA nog steeds ondermaats is. Ter illustratie: toen een groep studenten uit de tweede licentie in de lesvrije week op eigen initiatief naar Egypte ging, kon enkel een student wiens tweede moedertaal het Arabisch is vlot communiceren met de plaatselijke bevolking. De andere studenten spraken Frans. Een krant lezen of het nieuws volgen in het Arabisch is na vier jaar Van Mol nog altijd niet vanzelfsprekend. Overigens wordt het onderdeel literatuur bij MSA enkel beoordeeld op kennis van de woordenschat. De studenten krijgen bij de literaire teksten die ze lezen zelden uitleg over de context, periode of het genre — zelfs de auteur wordt niet altijd meegedeeld. Naar aanleiding van het jongste visitatierapport werd de onderwijsopdracht van professor Van Mol teruggeschroefd van alle vier de jaren naar de eerste drie semesters van de opleiding. Vanaf dit jaar geeft hij dus enkel nog les aan eerste- en tweedejaars. Enthousiasme De problemen met professor Van Mol zoals hier aangekaart zijn ernstig. Toch is iedereen die de opleiding Arabistiek en Islamkunde van nabij kent ervan overtuigd dat het met de opleiding als geheel de goede kant opgaat. Het optimisme voor het halen van de accreditatie binnen drie jaar, is alomtegenwoordig. Decaan Draye: “We gaan het verbeteringsplan tot op de letter uitvoeren. Ik ben ervan overtuigd dat we kunnen slagen als we de laatste problemen die op een oplossing wachten, uit de weg kunnen ruimen.” Onderwijscoördinator Melis voegt daaraan toe dat hij een reële hoop heeft op een “ploeg arabisten met kwaliteit en enthousiasme. Docenten die respect hebben voor de studenten en hen alle kansen geven. Iedereen die zich engageert, moet in diezelfde geest willen werken. De kwaliteit van deze opleiding zal de komende jaren dan alleen maar toenemen.”
Cursusprijzen: de cijfers Volgens de meesten verkocht professor Van Mol zijn cursussen aan een té hoge prijs. “Het cursusmateriaal is eigen werk en ik zag dat als auteursrechten,” reageert de professor zelf. “Het geld werd gebruikt om nieuwe projecten te ontwikkelen voor de verbetering van het onderwijs.” Over dat laatste kunnen we moeilijk oordelen, maar over de prijzen zelf is wel cijfermateriaal ter beschikking. Dit is de weergave van de cursusprijzen van vorig academiejaar en een berekening van de reële kostprijs van het materiaal, gebaseerd op de gangbare marktprijzen. De prijzen behelzen gekopieerde cursussen (verschillende delen) en verscheidene audiocassettes. Eerste bachelor: Vraagprijs van Van Mol: € 110 Kostprijs: € 45,05 Verschil: € 64,95 Tweede bachelor: Vraagprijs: € 75 Kostprijs: € 19,06 Verschil: € 55,94 Derde bachelor: Vraagprijs: € 68 Kostprijs: € 13,58 Verschil: € 54,42 Tweede licentie: Vraagprijs: € 60 Kostprijs: € 10,45 Verschil: € 49,55 Aangezien deze prijzen per student tellen, dient men voor de totale som geld die Van Mol belastingvrij verwierf de verschillen te vermenigvuldigen met het aantal studenten in de verschillende jaren. Hierbij moet worden vermeld dat niet enkel arabisten (in spe) de lessen Modern Standaardarabisch (MSA) volgden, maar ook studenten Egyptologie in het eerste jaar verplicht een semester MSA krijgen voorgeschoteld. Ook bissers kopen de cursussen vaak opnieuw, omdat de cursustekst van jaar tot jaar wordt aangepast. Hoe de prijzen doorheen de jaren geëvolueerd zijn, is onduidelijk, maar wel doen klachten erover al jarenlang de ronde. Een totaalbedrag noemen, is dan ook moeilijk, al loopt de totale winst in elk geval in de tienduizenden euro’s. Professor Van Mol doceert al 17 jaar Arabisch. Zelf de cursusteksten of cassettes kopiëren was niet toegestaan.
|